Menu Search
Terug naar Nieuws

Gebrekkige transparantie frustreert energieprojecten

Het Klimaatakkoord zet fors in op de productie van duurzame elektriciteit op land. Maar deze ambities schieten hun doel voorbij door het verwelkomen van stroomvretende industrie in ons land. Dat stelt Peter Grispen, Business Development Manager bij SPIE Nederland. Hij staat regelmatig versteld van de gang van zaken rond duurzame opwekkingsprojecten. Waar gaat het mis? En hoe moet het anders?

De ontwikkeling van een duurzaam energieproject in de Wieringermeer is exemplarisch voor wat er fout gaat. Met de aanleg van een enorm windpark was de omgeving groene stroom en economische voorspoed beloofd. Maar in plaats dat de molens stroom opwekken voor 370.000 huishoudens, gaat het overgrote deel naar een datacentrum. Dit tot grote frustratie van de omwonenden. Volgens Peter Grispen ligt de fout primair bij de opdrachtgever. Hoewel er in aanbestedingen steeds vaker wordt gevraagd naar de aanpak van omgevingsmanagement, is goede communicatie richting betrokkenen achterwege gebleven. “De omwonenden hadden de perceptie dat de energie voor hen bedoeld was en zij daarmee een bijdrage zouden leveren aan de verduurzaming van hun woningen. Toen bleek dat de energie niet naar hen kwam, was de teleurstelling duidelijk zichtbaar.”

Verzet

Ook de bouwers van windpark Drentse Monden Oostermoer joegen de omwonenden tegen zich in het harnas. Er werden daar zelfs platforms van burgers opgericht die zich op allerlei manieren verzetten tegen de komst van het windpark. Zij vinden dat er te weinig oog voor de omgeving is geweest en te weinig aandacht voor de gezondheid van de omwonenden. “Het is inderdaad zo dat de Nederlandse wetgeving op dit moment nog zegt dat de omgeving niet mee hoeft te praten bij de komst van zulke grote installaties als windparken en zonneparken. De ontwikkelaars doen er goed aan hier toch terdege aandacht aan te besteden. Dit kan voorkomen dat er fel verzet ontstaat.”

Windenergie

Transparantie

Steeds vaker zetten burgers en gemeenten de hakken in het zand bij nieuwe zonne- of windparken en dat is niet geheel onlogisch. “Dit soort voorbeelden zijn desastreus voor het draagvlak van groene energieprojecten. Gevolg is dat bouwplaatsen worden gesaboteerd, projectontwikkelaars worden bedreigd of projecten niet doorgaan.” Daarom pleit Grispen voor totale transparantie vanaf het moment dat het vergunnings- en aanbestedingstraject wordt gestart. “Op dat moment wordt al nagedacht over wat het project kost en wie de afnemer van de energie zal zijn, maar ook hoeveel werk het oplevert. De initiatiefnemers, overheidspartijen en projectontwikkelaars wéten dat dus van tevoren. Neem dan direct de omgeving mee in je plannen. Communiceer daar actief over met omwonenden en maatschappelijke belangengroepen. En maak informatie over procedures veel toegankelijker. Alle belanghebbenden die daar interesse in hebben moeten begrijpen wat er staat. Zo voorkom je dat het draagvlak afkalft of projecten worden gesaboteerd door omwonenden.”

Omgevingsmanagers

Omgevingsmanagers kunnen daar volgens Grispen een grote bijdrage in leveren. “Zij zijn de verkenners die je als ontwikkelaar of opdrachtgever vooruitstuurt. Het kan veel geld en moeite besparen als je al in een heel vroeg stadium bij omwonenden kan toetsen hoe de vlag erbij hangt. Is er draagvlak? Waarom wel of niet? Je kunt ze dan vanaf het begin betrekken bij het project. Op dat moment is er nog ruimte om wensen van omwonenden mee te nemen, waardoor het draagvlak toeneemt.

‘Toets in een heel vroeg stadium bij omwonenden hoe de vlag erbij hangt’

Peter Grispen, Business Development Manager

Wethouder

Naast gebrekkige communicatie ziet Grispen nog een verbeterpunt, namelijk op gemeentelijk niveau. De portefeuille voor de energietransitie ligt volgens hem bij de verkeerde mensen binnen een gemeente. “Deze zou niet moeten liggen bij een wethouder, maar bij iemand die in dienst is van de gemeente. Niet iemand die wordt gekozen. Die is namelijk maar tijdelijk actief. En daar gaat het vaak mis. Voordat zo’n wethouder zijn ideeën kan invullen, moet hij zich alweer richten op zijn overdracht naar zijn opvolger, die wellicht heel andere gedachten heeft over de invulling van de portefeuille.”

Financiële participatie

Zou het dan helpen als er, naast transparante communicatie, nog andere middelen worden aangeboden? Bijvoorbeeld op financieel of maatschappelijk gebied? Volgens Grispen mogen we gerust stellen dat mensen daar absoluut gevoelig voor zijn. “Als mensen een deel van de overlast gecompenseerd zouden krijgen in de vorm van financiële middelen, wordt hun wil om mee te gaan groter. Zij voelen zich dan gezien.” Toch blijft open communicatie de basis. Wat willen mensen niet? Verrast worden. “Voorkom dit door ze mee te nemen in het proces en benadruk de voordelen voor hen en voor de lokale samenleving. En doe dat vooral in begrijpelijke taal. Je krijgt nooit iedereen mee, maar zorg er in ieder geval voor dat mensen weten en begrijpen waar ze voor of tegen zijn.

Energiecoöperatie

Het is interessant om ook te kijken naar het buitenland. “Neem een gemeente in het Zwarte Woud, waar een paar kartrekkers vonden dat de energievoorziening anders moest en kon. Zij namen het plaatselijke elektriciteitsnet over en brachten het onder in een inwonerscoöperatie.” Inmiddels loopt deze gemeente voorop in de verduurzaming van de elektriciteitsvoorziening en het energiebedrijf groeit als kool. Het elektriciteitsnet van Schönau wordt zoveel mogelijk ingericht op lokale duurzame energieproductie. “Veel inwoners leveren een bijdrage, waardoor er een verscheidenheid aan lokale energiebronnen is ontstaan. De energieverkoop stroomt terug in de gemeenschap en zo hebben alle partijen er profijt van. Energiecoöperaties werken nu net zo.” Een goed voorbeeld in eigen land vindt hij de aanpak van Arnhem. In het voorjaar van 2021 start in deze gemeente de bouw van vier nieuwe windmolens. Dat is mede te danken aan de inwoners van de Gelderse hoofdstad. In zo’n twee maanden tijd kochten zij de 10.000 beschikbaar gestelde aandelen die nodig waren om de windmolens (mede) te financieren. Aan deze eigenaren wordt in de looptijd van 20 jaar een verwacht rendement van 6% uitgekeerd. Ook komt er een omgevingsfonds om (duurzame) projecten in de directe omgeving van het windpark te realiseren. Bewoners die zitting hebben in de omgevingsraad gaan hierover beslissen. “Natuurlijk kan inbreng vanuit de gemeenschap ervoor zorgen dat je de plannen moet heroverwegen. Maar dan kom je wel tot een duurzaam besluit waar ook de maatschappij wel bij vaart.”

BRON: MilieuMagazine nr. 8-2020

Wilt u meer weten?

Neem contact op met Peter Grispen

+31 (0)6 230 003 91 peter.grispen(at)spie.com